01 januari 2006

Een appelig gevoel.

Ook zo’n appelig gevoel na de feestdagen?
Iemand die futloos is en weinig energie heeft, zegt wel eens dat hij of zij zich ‘appelig’ voelt.
Het woord werd bedacht door Leen Valkenier voor het destijds erg populaire kinderprogramma `De Fabeltjeskrant'. Het werd in de mond gelegd van Stoffel de schildpad. Die klaagde steeds weer dat hij zich zo `appelig' voelde.

De uitdrukking ‘een appelig gevoel’ werd in de jaren tachtig van vorige eeuw nieuw leven ingeblazen door de Nederlandse renner Gerrie Knetemann. Eigenaardig is wel dat het woord ‘appelig’ ook staat voor `vervelend, saai, uit de tijd' (zie hiervoor R.G. Broersma: Recht voor z'n Raap, 1970), een betekenis die het blijkbaar nog steeds heeft, getuige volgend citaat uit NRC Handelsblad van 1990: `Bij ons zit een Engelsman, een beetje appelige echtgenoot van een jaar of veertig, die zijn ski's aantrekt en onmiddellijk begint te glijden.'
Hier moet bij appelig gedacht worden aan `zuur' en vandaar wordt wellicht geassocieerd met `verstard'.
In het marineslang gebruikt men de uitdrukking ‘zich appelig voelen’ vooral na overmatig drankgebruik (het katergevoel dus).

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen