09 augustus 2009

Basjiboezoek.

Ooit gehoord van een ‘basjiboezoek’ of een ‘baziboezoek’(er bestaan nog andere schrijfwijzen)?
Ik ook niet, tot ik het woord tegenkwam in het boek ‘Vincent en Astrid van Gogh verdwijnen in een korenveld’ (uit 1977) van de Gentse kunstenaar, acteur, auteur (en nog een heleboel meer) Pjeroo Roobjee: “Laat af, zoon van een ongetrouwde vader. Laat dat, debiele baziboezoek! Wafelijzer!”

‘Basjiboezoek’ is een scheldwoord voor een onbeschaafd persoon, een barbaar. Meestal is het van toepassing op een buitenlander. Het is ook één van kapitein Haddocks favoriete schimpscheuten, zowel voor een rijke parvenu als voor een zondagsrijder.
Eigenlijk slaat het op een door de sultans gerekruteerde huursoldaat in het Ottomaanse leger. Letterlijk betekent dit Turkse woord ‘slecht hoofd, dwarskop’. De Basji-Boezoeks stonden bekend als uitermate wreed en afschrikwekkend (tijdens de Balkanoorlogen onderdrukten ze jarenlang de Bulgaarse bevolking). Het Militair Woordenboek (1861) van H.M.F. Landolt vermeldt Baschi-Bozuks voor Turkse ongeregelde cavalerie. Het woord komt ook in het Frans voor: bachi-bouzouk.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen