10 september 2006

Het beest met de twee ruggen. Deel 2.

In de Angelsaksische literatuur is ‘the beast with the two backs’ of the two-humped beast’ sinds Shakespeare al lang een geliefde metafoor, o.a. terug te vinden bij auteurs zoals Mary Mc Carthy (The Group, 1963), Norman Mailer (An American Dream, 1965), M. Fraser (Flash­man Lady ,1977), Paul Theroux (The Great Railway Bazar, 1975).

De uitdrukking is ook in de late twintigste eeuw nog erg populair onder schrijvers en dichters.
In de jaren tachtig van vorige eeuw hoorde ik haar nog in een toneelstuk van Rudy Geldhof: ‘Twee Vrouwen’.
In de roman ‘Sisyfus verliefd’ van Ton Anbeek (1990) lezen we: “Het beest met de twee ruggen scharrelde op de dansvloer.”
Theo Kars gebruikte de uitdrukking in Aktueel van 18 juli 1991:
In Ibiza ontdekte ik jaren geleden een door hoge rotsen omringde stille, kleine baai met een spelonk die ik als reusacht­ige slaap-en badkamer kon gebruiken.Voor de rest heb ik het beest-met-de-twee-ruggen altijd binnenshuis op een bed gemaakt - oppervlakkig vrijen in portieken, auto's, telefoonhokjes en dergelijke buiten beschouwing gelaten.”

De recensent van het oerernstige HP/De Tijd stelde zich medio 1994 -in een recensie van Koos Prinsloo's Slachtplaats- de vraag: “Waarom zijn minnaars, tezamen 'een beest met twee ruggen' ,zoveel sterker de zelfvernietiging toegedaan als ze van hetzelfde geslacht zijn?”

Ondanks de talrijke vindplaatsen, werd deze seksuele metafoor nog door geen enkel Neder­lands woordenboek gehonoreerd! Zelfs de spreekwoordenboeken zwijgen er in alle talen over. Andere vergelijkingen met dieren in het seksuele taalgebruik (van achteren; op z'n hondjes; een onderdoortje maken enz.) vinden we eveneens met moeite terug in een gevestigd
woordenboek. Kan dit duiden op een nog niet helemaal verwerkt taboe?


Geen opmerkingen:

Een reactie posten