31 augustus 2008

Dogging.

Een tijdje geleden moest ik weer eens vaststellen dat Groot-Brittanië toch een heel ander land is. Niet alleen rijden ze er links en verwerpen ze nog steeds de euro, ze houden er ook eigenaardige seksuele gewoontes op na. Ik keek naar de vermakelijke Britse politieserie “55 degrees north”. Daarin was sprake van het fenomeen ‘dogging’. Je zou denken ‘de hond uitlaten’ maar zo onschuldig is het niet, al heeft het er wel mee te maken.

Ruw vertaald komt het neer op seks in het openbaar (een park, bioscoop of parking). Toeschouwers worden opgeroepen via internet of sms. Mannelijke deelnemers worden ‘doggers’ genoemd, vrouwelijke ‘dogettes’.
De seks kan gaan tussen twee mensen in een auto maar evengoed kan het uitlopen op een orgie rond de picknicktafel. Groepsseks en gangbangs behoren tot de mogelijkheden.
Er is echter altijd sprake van twee partijen: deelnemers en toeschouwers. Omdat kijken aangemoedigd wordt, is er steeds een combinatie van exhibitionisme en voyeurisme.
De term ‘dogging’ werd bedacht door de Britse politie omdat veel deelnemers met het smoesje kwamen dat ‘ze even de hond uitlieten’. Vooral de gemeenteparken in noord-Kent en zuidoost-Londen zouden populaire locaties zijn. Die worden in de avonduren nauwelijks gecontroleerd. Veel gemeenten hebben ook geen geld voor de fulltime aanstelling van een parkwachter.

De praktijk is al vrij oud en komt volgens de Oxford English Dictionary al voor in 1986. Anno 2007 is ‘dogging’ nog steeds populair. Er bestaan talrijke sites (o.a. www.melanies-uk ) waar je allerlei tips en locaties kunt vinden. Er bestaat zelfs een tien gebodenlijst voor mensen die van ‘dogging’ houden. Eerste gebod: draag steeds een rubbertje. Dit gebod moet niet al te lichtzinnig worden genomen. De gezondheidsdienst van Kent bijvoorbeeld wou het publiek een paar jaar geleden via websites wijzen op het gevaar van onbeschermde seks. Het verband tussen de nieuwe trend en de toename van ziektes als chlamydia, syfilis, hepatitis en gonorroe zou nl. treffend zijn. De voorbije jaren zouden er in Medway heel wat meer hepatitisbesmettingen geconstateerd zijn. Meerdere patienten gaven toe dat zij de ziekte wellicht hadden opgelopen tijdens het ‘doggen’. Door de hoge media-aandacht werd het voor koppels moeilijker om af te spreken op een herkende ‘dogging’-plaats. Sinds de politie zich meer en meer met de zaak bemoeit, verleggen heel wat ‘swingers’ (mensen die aan partnerruil doen) hun activiteiten naar andere oorden.
Britse politici hebben niet direct de neiging om seks in openlucht te criminaliseren maar ze vinden wel dat het publiek moet beschermd worden tegen dit soort activiteiten. Dogging zou nl. op het randje van de legaliteit balanceren. Daarom zou er aan een wet worden gewerkt (ik weet niet of die er inmiddels is) die deze daden wil verbieden op plaatsen waar gewone burgers komen.
Even dacht ik dat we weer te maken hebben met excentrieke Britten maar nee, het fenomeen ‘dogging’ werd ook al elders gesignaleerd, m.n. in de V.S., Canada, Australië, Noorwegen, Spanje en Polen of all places. Nederland zou volgens Wikipedia ook deel uitmaken van het lijstje. België (nog) niet. Zucht! Mocht het fenomeen ook in het Nederlandse taalgebied populair worden, dan zoeken we nog naar een aardig Nederlands equivalent. Wat dacht u van ‘wildvrijen’ of ‘wildwippen’? Goeie tips zijn uiteraard welkom.

24 augustus 2008

De bal is rond.

Een Nederlandse voetbaltrainer gaf dit ooit als antwoord toen hem werd gevraagd naar de kansen van zijn elftal. Het betekent zoiets als: er kan nog van alles gebeuren; men kan moeilijk vooraf voorspellen hoe dit zal aflopen.
Oorspronkelijk was het een voetbalkreet, volgens sommigen naar het gelijknamige boek van D. Ariese uit 1968.
Ze werd echter al in 1954 optekend in het Duitse taalgebied uit de mond van voetbaltrainer Sepp Herberger. Die liet zich de kreet ontvallen tijdens de Wereldbeker Voetbal (die toen door Duitsland gewonnen werd). Later liep een populaire radioshow onder de naam ‘Der Ball ist rund’.
Een bal kan alle kanten oprollen, is zowel labiel als stabiel en vertoont geen enkele voorkeur voor bewegingsrichting of positie. Een speler kan de bal dus nooit voor de volledige honderd procent beheersen. De uitslag van een voetbalwedstrijd kan daarom nooit vooraf bekend zijn.
De uitdrukking wordt in deze zin ook buiten de voetbalwereld gebruikt.

20 augustus 2008

Baas in eigen broek.

Op 14 maart 1970 trokken strijdbare dames, tijdens een vergadering van vrouwenartsen in Utrecht, hun bloesjes en truitjes omhoog om aan een verbaasd publiek de slogan ‘baas in eigen buik’ op het ontblote bovenlijf te laten lezen.
Het was een speelse variant op de zegswijze ‘baas in eigen huis’. Deze meiden noemden zich Dolle Mina's, als postuum eerbetoon aan Wilhelmina Drucker (1847 - 1925), de oprichtster in 1889 van de Vrije Vrouwen Vereniging. Velen, ook feministen, klonk deze slogan toen nog agressief in de oren. Er was in die jaren veel te doen omtrent `abortus provocatus' in Nederland. De praktijk was op dit punt veel liberaler dan de letter van de wet. Abortusklinieken werden zelfs oogluikend toegestaan. Zo was er aan het Amsterdamse Oosterpark geruime tijd een toevluchtsoord voor in nood geraakte vrouwen uit andere landen.
De Dolle Mina's vonden dat de beslissingsmacht in handen van de zwangere vrouw moest worden gegeven. Zij moest zelf kunnen uitmaken of ze al dan niet zwanger wilde worden. Het abortusverbod was volgens hen gehuld in een mist van schijnheiligheid. De wetgever hanteerde immers een dubbele moraal: niet alleen ten aanzien van arm en rijk maar ook seksueel tussen man en vrouw. De legalisering van abortus moest volgens deze rabiate feministen bepleit worden, niet alleen vanuit de vrucht - ieder kind heeft het recht gewenst te zijn - maar ook vanuit de zelfbepaling van de vrouw.
De kreet waarmee de dames het recht op abortus provocatus wilden afdwingen, werd vrij snel een gevleugelde uitdrukking, die meermaals geparafraseerd werd: baas in eigen broek; baas in eigen brein enz.

18 augustus 2008

Nuttige idioten.

In de jaren zeventig en tachtig, toen de koude oorlog nog aan de gang was, werd een pacifist uit het westen, die door de communisten gemanipuleerd werd, een ‘nuttige idioot’ genoemd.
In politieke kringen was ook het scheldwoord ‘fellowtraveller’ gangbaar. Letterlijk betekent dit ‘medereiziger’ en eigenlijk was het een vertaling van het Russische woord ‘popoetsjik’ (door o.a. Leo Trotski gebruikt in zijn boek ‘Literatuur en revolutie’). De term sloeg op iemand die de Sovjetpropaganda in Amerika en West-Europa ondersteunde.

In 1987 gebruikte Zbigniew Brzezinski (nationaal veiligheidsadviseur onder president Jimmy Carter) de uitdrukking ‘useful idiots of the West’ om de hoge omes te bespotten die dienstdeden als ‘figuranten’ tijdens een speech van Gorbatsjov. Deze experten op buitenlands gebied waren o.a. Cyrus R. Vance en H. Kissinger.
In hetzelfde jaar werd niemand minder dan anticommunist Ronald Reagan uitgerekend door de aartsconservatieve Howard Phillips gebrandmerkt als een ‘useful fool’. Het was overigens een der zeldzame keren dat Reagan een nuttige idioot werd genoemd.
Helmut Kohl bespotte in 1987 in BusinessWeek deze ‘fellowtravellers’ die de Sovjetpropaganda in West-Europa ondersteunden. Kohl zei toen: ‘'Wij noemen hen nuttige idioten.'

De term wordt vaak ten onrechte aan Lenin toegeschreven. Eén bron suggereert een boek uit 1966, ‘People and Portraits: A tragic Cycle’, geschreven door Yuri Annenkov, een schilder die in 1921 voor de communistische partij een portret van Lenin moest schilderen en die na de dood van de Sovjetleider toegang kreeg tot diens geschriften in het Lenininstituut (Moskou). De term komt er niet in voor, wel de visie erachter.