11 maart 2009

Engeltjesmakers.

Je hebt zo van die woorden en uitdrukkingen die tijdgebonden zijn.
‘Engeltjesmaakster’ voor een (onbevoegde) aborteuse bijvoorbeeld. Vroeger dacht men hierbij aan een vrouw die met breinaalden aan de slag ging. In een tijd toen anticonceptie nog tot de taboesfeer behoorde, werd de engeltjesmaakster gezien als een dankbare uitweg voor ongewenst zwangere vrouwen, ondanks de risico’s voor de gezondheid en ondanks de illegaliteit.

Oorspronkelijk sloeg de term echter op een vrouw die (in kindertehuizen) de haar toevertrouwde kinderen door verwaarlozing liet omkomen. In het christelijke volksgeloof gingen kinderen die stierven rechtstreeks naar de hemel, alwaar ze in de engelenschare werden opgenomen. De huidige betekenis kwam volgens ons grootste woordenboek, het WNT, voor in Zuid-Nederland. Het woord wordt eveneens vermeld in het Bargoens Woordenboek van Enno Endt uit 1974.
Wellicht ontstond ‘engeltjesmaakster’ aan het eind van de 19de of begin 20e eeuw toen de kindersterfte in onze contreien groot was. In het Frans vinden we de term ‘faiseuse d’anges’ (in de betekenis van aborteuse) ook al terug in de 19de eeuw. Het Duits kent dezelfde metafoor ‘Engelmacherin’ sedert ca. 1920.
Tegenwoordig klinkt het woord wat belegen. Maar kijk: in 1998 publiceerde de Nederlandse abortus-arts Frans Wong (in de jaren zeventig door de Telegraaf 'de ongeëvenaarde abortuskoning’genoemd) zijn autobiografie onder de titel ‘Engeltjesmaker.’ En nog dit jaar verscheen er van de hand van Diane De Keyzer ‘De Engeltjesmaaksters’ met als ondertitel ‘Abortus toen het niet mocht’.

07 maart 2009

Stop een tijger in je tank.

In de Franse klassieker "Pierrot le fou", uit 1965, zegt hoofdrolspeler Pierrot (vertolkt door Jean-Paul Belmondo) tegen een garagehouder: ‘Doe maar een tijger in mijn tank!’
Die antwoordt iets in de zin van ‘Die heb ik niet’, waarna Pierrot droogweg zegt: ‘Doe maar vol dan!’ Pierrots uitspraak verwijst naar de reclameslogan ‘Stop een tijger in je tank’ van het Amerikaanse Esso.

De Esso-tijger maakte zijn debuut op een poster van Esso Extra in het Verenigd Koninkrijk in 1952. Het was een realistische, verre van vriendelijk afgebeelde tijger. In 1959 verscheen hij in een meer menselijke vorm in de Verenigde Staten. Daarbij introduceerde men de kreet ‘Put a Tiger in your Tank’. In Groot-Brittanië ontstond vrij vlug een nationale gekte.
En andere landen volgden: ‘Mettez un tigre dans votre moteur’,‘Pack den Tiger in den Tank’ en ‘Stop een tijger in je tank’ werden overal erg populair. De Nederlandse variant kwam van het reclamebureau MacCann Ericson Nederland en dook voor het eerst op in 1961.

01 maart 2009

Het hoofd en de benen.

Het hoofd en de benen is een wielercliché voor de succesvolle combinatie van intelligentie en spierkracht.
In 1898 publiceerde de oprichter van de Tour de France, de Fransman Henri Desgrange, zijn beroemde boek La tête et les jambes, misschien een verwijzing naar de Provençaalse zegswijze ‘Quand on n’a pas de tête il faut avoir des jambes’ (‘Wie geen hoofd heeft, moet benen hebben’).
De Franse wielertaal kent ook de uitdrukking courir avec sa tête (‘met je hoofd rijden’) voor ‘op een berekenende manier fietsen’.
In de jaren zestig van de twintigste eeuw was er op de Franse tv een quiz, gecombineerd met een heuse wedstrijd, onder de titel La tête et les jambes. Hierin namen scholieren het op tegen sportlui. De quiz werd gepresenteerd door Pierre Bellemare. In de uitzending vormden twee kandidaten een team om 100.000 Franse franken te winnen. De eerste (la tête) moest antwoorden op allerlei kennisvragen, terwijl de tweede (les jambes) allerlei sportieve proeven moest ondergaan.
Ondertussen is het hoofd en de benen ook in het Nederlands een gevleugelde uitdrukking geworden onder wielrenners en andere sportbeoefenaars.

22 februari 2009

Wat ruist er in het struikgewas?

De lente is bijna in zicht. Weldra komen ze weer tevoorschijn: de voorjaarskrokussen.
Misschien denkt u nu dat ondergetekende ze niet meer allemaal op een rij heeft. Maar ik heb het over de exhibitionisten die de ziekelijke neiging hebben om hun apparaat in het openbaar te tonen.
Zo iemand noemt men in de volksmond een ‘potloodventer’ maar Van Dale kent ook het even grappige synoniem ‘voorjaarskrokus’. Het zou een politieterm zijn, die vooral ironisch wordt gebruikt. De naam heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat exhibitionisten actiever zijn in de lente en de zomer. Ze kicken op luchtig geklede vrouwen en kinderen.
Een paar jaar terug las ik in een Nederlandse krant over zo’n potloodventer die bijna smurf was geworden. De zielepoot had namelijk zijn Fransje aan de verkeerde vrouw getoond. Die reageerde bijzonder snel met een spuitbus blauwe verf.

Omdat vooral de politie in de praktijk te maken krijgt met dergelijke schennisplegers (de officiële term in Nederland) is het vrij logisch dat ze een heel arsenaal aan synoniemen bezit. Oom agent wordt dagelijks met veel gevaarlijkere vormen van gekte geconfronteerd en bekijkt de venter daarom met goedmoedige spot. Zolang deze het maar bij venten laat en verder niemand kwaad doet, uiteraard. De Maastrichtse politie gebruikt de term ‘vendelzwaaier’ en elders hoor je wel eens ‘Bruynzeelvertegenwoordiger’. Die laatste is een doordenkertje. De jongere generatie kent Bruynzeel enkel van de keukens maar vroeger was het ook een fabrikant van potloden.
Potlood als metafoor voor het mannelijk geslachtsorgaan werd wellicht voor het eerst gebruikt in de soldatentaal. Populair is de uitdrukking ‘schrijf dat maar op je buik, je hebt het potlood bij de hand’, hetgeen zoveel betekent als: je kunt ernaar fluiten. In deze kringen kent men ook het bevel ‘potlood in de grond’ wanneer de soldaat zich laag bij de grond dient voort te bewegen.

Het woord ‘potloodventer’ komt echter uit politiekringen. Als radiocode dook de term voor het eerst op begin jaren zeventig van vorige eeuw. Gaandeweg is het echter een krantenterm geworden die je vooral tegenkomt in het gemengd nieuws op stad- en streekpagina's.
In het noorden van Engeland maakte de politie onlangs jacht op een nieuw type potloodventer (flashers worden ze ginder genoemd). Het ging om een man, slechts gekleed in een luier, die s avonds vrouwen lastigviel met de vraag: Is hier ergens een plek om een baby te verschonen? Potloodventen is van alle tijden en komt blijkbaar voor in allerlei soorten.